bloemenstad (1)
En kijk, ik ben er.
En maak er nu deel van uit.
Van de bloemenstad.
¶
De duif die wegvloog,
komt hier zeker nog terug.
Het stationsplein.
¶
Zonder opkijken
wisselen ze vod en tang.
Afbraak draaimolen.
¶
Toen de tram langsreed,
rilden een paar neuzekes
in de houten kar.
¶
Een kortere weg
naar het Zuid kost soms veel geld.
Het Glazen Straatje.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten