vrijdag 31 januari 2020

__________

Een houtduif vliegt op 
uit een dode wintereik.
Één takje beweegt.

donderdag 30 januari 2020

__________

op de weegschaal vriend en man
staat de wijzer mooi in het midden

je voeten zitten alweer in de bottines
rond je nek bengelt een reuzensjaal

zie je bent klaar om te gaan lopen
alleen kan je geen richting kiezen

haal daarom gauw je hart uit zijn kast
en wrijf het met je handen schoon

doe nu hetzelfde met je verstand
en ga weer op de weegschaal staan

woensdag 29 januari 2020

__________

in de tuin
zit een mus

dag mus 
zie, de maan

tsjilp 
tsjilp tsjilp 

zo fijn dat wij
mekaar verstaan

tsjilp 
tsjilp

dinsdag 28 januari 2020

__________


Een vos is graag alleen



Overal kraken takken.

Onder mijn voeten.

In mijn handen.

Alsof ik in een dood bos

wandel.



In mijn hoofd herhaal ik

nog eens wat ik over een vos weet:

Een vos lijkt op een hond.

Een vos kan goed horen.

En ook goed ruiken.

Een vos is een roofdier.

Zijn staart is een halve meter lang.

Hij eet alles

en hij woont in een burcht.



Ik hou halt.

Voor mijn voeten ligt een hoopje aarde.

Er zit een gat in.

Mijn hart slaat sneller.

Hier woont een muis, denk ik.

Of een rat?

Maar geen vos.

Nee, de ingang van een vossenhol is groter.

Naast het gat glimt iets.

Het lijkt wel een witte worm.

Maar het is een uitwerpsel.

Rondom mij merk ik nog meer wit op.

Vogelpoep op stammen.

Vogelpoep op wortels.

Vogelpoep op struiken.

Vogelpoep is pipi en kaka.



Ik sta aan de rand van het bos.

Ik zie een groot grijs gebouw.

De baas van de fabriek is

niet meer de baas van het bos.

Nu is het bos van de burgemeester.

Omdat hij van de natuur houdt, denk ik.

En omdat hij de grootste baas is.

Een burgemeester beslist hoe hij zijn dorp

of zijn stad wil.

Dat zegt mijn vriendin.

En alles wat zij zegt, is waar.



Licht wordt donker.

Eindelijk heb ik mijn plekje.

Er prikt een naald in mijn poep

terwijl ik mijn zakdoek zoek.

Ik zit op de top van een berg stenen.

Op iedere steen ligt een tapijt van mos.

Vanaf hier heb ik een prachtig zicht.

Ik word wel een beetje boos

bij het zien van zoveel afval.

De burgemeester moet strenger zijn.

Of de mensen liever.

Mijn plekje is het beste plekje

om vossen te spotten.

Spotten vind ik een grappig woord.

Ik verander in een standbeeld.



Boven mijn hoofd hoor ik gefladder.

Daar zijn de eerste duiven.

Koe-koe-koe … koe-koe, roept de grootste.

Ik ben een … hout … duif.

Ook een ekster maakt zich klaar

om te gaan slapen.

Eksters houden van glimmende dingen.

Ook van glimmende uitwerpselen? vraag ik me af.

Een koppel kauwen vliegt

van oost naar west.

Kauwen blijven lang bij elkaar.

Ganzen ook.

Soms langer dan mensen.

De kennis van vogels

heb ik van mijn vader.



Het is al goed donker.

En koud.

Tussen de bomen hangen een paar wolken.

Ik trek mijn knieën op.

Mijn armen omhelzen mijn benen.

Een vos woont in een burcht.

Een vos lijkt op een hond.

Ik herhaal opnieuw mijn weetjes

over een vos.

Een vos lijkt ook op een kat, zeg ik plots hardop.

Als een vos jaagt, jaagt hij het liefst alleen.

Als een vos jaagt, jaagt hij het liefst ’s nachts.

Dat is waar, antwoordt een winterkoninkje.

Soms vertrekken vossen vroeg op jacht.

Omdat ze ver gaan jagen.

Tot wel tien kilometer ver.

Misschien is de vos waarop jij wacht al onderweg.

Ik trek mijn neus op, trek mijn muts nog dieper over mijn oren

en dank het winterkoninkje met een versje:



zingt u voor mij

dans ik voor jou

excuseer, ik bedoel natuurlijk u

want u bent de koning

waar ik het meest van hou



De liefde voor woorden

heb ik van mijn moeder.

Het winterkoninkje wipt een tak hoger

en wijst met zijn staartje naar de hemel.

















maandag 27 januari 2020

__________

juffrouw vouwt

met meester

dat is lezen

dat is denken
dat is doen

zie daar

de kikker
is klaar

kus hem nou

juffrouw

zondag 26 januari 2020

__________

tortelduifjes

na hun dutje
wassen ze 
elkaar

vroeger
deden wij
dat ook

toen we nog
tortelduifjes
waren

zaterdag 25 januari 2020

__________

Zevenuurjournaal, 
ik sla mijn hand voor mijn mond.
Coronavirus.

vrijdag 24 januari 2020

__________

honden

op een dweil
voor de deur
ligt een hond

ik heb niks
met honden
echt niks

maar honden
wel met mij

ze zorgen altijd
voor wat kwijl
op mijn kledij

donderdag 23 januari 2020

__________

Op de reünie 
praten we vooral over 
de afwezigen.


woensdag 22 januari 2020

__________

mens met brede borst
mens met hangbillen
mensen met buikjes
waarop knokelige vingers
dansen

mens met hartvormig gezicht
mens met slanke schouders
mensen met lekkere kontjes
waarop middelmatige handen
wachten 

tot het groen wordt
mooi op een rij
schudden ze mijn gedachten door elkaar
tot een gedicht

een vormvrij gedicht

dinsdag 21 januari 2020

__________

doel

een ring
met wat touw
is het doel van de basketter

meester heeft ook een doel
een droom
met een deadline

zijn deadline is de schemering
zijn droom is juffrouw

maandag 20 januari 2020

__________

in de klas zingt een koor van poten
meester begrijpt zichzelf niet meer

een jongen holt hard door de gang
hij wil afgeraken van zijn schaduw

vanuit het toilet komt geklop en gevloek
de poetsman vecht er met het water

de telefoon zoekt iemand om mee te praten
en de printer heeft het weer ontzettend druk

de school is een geluidsinstallatie
juffrouw is het pronkstuk





zondag 19 januari 2020

__________

schoolreis

niks zo zalig
als een kus
op de achterbank
van de bus

zaterdag 18 januari 2020

__________

ieder
huis heeft
een rommelkast
en elke straat heeft 
een rommelhuis
en elke stad heeft
een rommelstraat 
en ieder land heeft 
een rommelstad
en ieder continent heeft
een rommelland

fuck vent
, wat staat er weer
veel rommel op mijn blad

vrijdag 17 januari 2020

__________

op een bankje
aan de overkant
zit mijn moeder

op haar schoot ligt
een schattig poesje
dat treft

ik ben een liefhebber
van schattige poesjes
ik schilder ze zelfs

na enige aarzeling
neem ik toch
verf en penseel

het aankijken
van mijn moeder
blijft moeilijk

donderdag 16 januari 2020

__________

Sperwer op het dak.
Mussen, heb je mij gehoord?
Sperwer op het dak.

woensdag 15 januari 2020

__________

meester voelt 
zich goed 
op school

zo goed
in juffrouws
ondergoed

dinsdag 14 januari 2020

__________

nog op zoek
naar een prachtplek
voor vandaag?

loop dan mee
naar het eind
van dit gedicht

en steek er
een hand - of twee
in je broek

maandag 13 januari 2020

__________

tijdens het weekend is meester weer
op reis geweest naar het vakantiehuisje
van juffrouw in Picardisch Wallonië

juffrouw kreeg het herenhuis met bijgebouwen
van haar derde man een vastgoedgoeroe
een laat verjaardagskado voor mijn schoolvrouwke

had hij na de piep ingesproken
van haar vorige verzorgers kreeg ze alleen maar
zonen en dochters en lijfstraffen

(juffen zijn veel te braaf!)
meester als fervent stapper stapte op zaterdag
vierentwintig kilometer bij elkaar

net voor zonsondergang was hij terug
en schonk zoals steeds een hoop hout aan juffrouw
de frisling in de grote stoofpot loerde

naar juffrouw die huilend in de armen van meester lag








zondag 12 januari 2020

__________

De houthandelaar,
hij woont in een heel groot huis, 
van ijzer en steen.

zaterdag 11 januari 2020

__________

Mijn schoenen zijn blij
met mijn voeten.
Voortdurend worden ze
door mijn tenen gekust.

Mijn hoofd dan weer 
gunt ze heel veel rust.

Als we thuiskomen
dan gaan ze het eerst uit.
Bij vertrek gaan ze
als laatste aan.

vrijdag 10 januari 2020

__________

zo nu en dan
kan iemand je
diep beroeren

en als die iemand
(dat klinkt haast 
als diamant)
je broer is
wordt beroeren

bebroeren


donderdag 9 januari 2020

__________

een juf
die een meester tot zoenen
probeerde te verleiden
had honderden redenen
om haar lippen
op zijn lippen te krijgen

wat ben jij toch een zachte meester zei ze
zo lees ik toch in jouw gedichten
jij schrijft toch vaak over knuffelen
en over warmwaterkruiken hé

of hij zin in een zoen van haar had?
ja zei hij dat heb ik
je vertelde me net dat je 
mijn gedichten gelezen hebt
nu kan jij er een voordragen?

jazeker zei ze

een juf 
die een meester tot zoenen
probeerde te verleiden
had honderden redenen
om haar lippen ...

wat ben jij toch een zachte zoener zei ze










woensdag 8 januari 2020

__________

Nu hij het boek heeft,
kan hij zijn mama zoeken;
jongen in de bib.

dinsdag 7 januari 2020

__________

Twee januari.
En hopla, daar staat een spar 
met pakjes onder.

maandag 6 januari 2020

__________

weinig van alles zei meester
dat is wat ik kan nadat hij
de koffiekan en een kopje
op de gebruikte tafel had gezet

rode strepen trekken
tot ogen branden
een kwast in water zetten
gaten in banden vinden
de bal op het dak tonen

voor mij is dat genoeg zei juffrouw
om mijn manusje-van-alles te zijn

zondag 5 januari 2020

__________

pech 

ik ben een kast 
die niet in het beeld 
van de straat past 

maar pakt men mij weg 
dan zit de straat 
lekker zonder beeld 

zaterdag 4 januari 2020

__________

in de diepte
in de grote diepte
van het zwembad
kreeg ik mijn eerste
zoen

en die zoen
die eerste zoen
in de grote diepte
van het zwembad
was bijzonder

nat

vrijdag 3 januari 2020

__________

mijn meester leerde mij
lang geleden schilderen

banken aan de kant
kleinkunst op de radio
en verven maar

al die kleuren
maakten licht
in mijn hoofd

en de Cupido in mij
droomde er een gedicht
voor het buurmeisje bij

donderdag 2 januari 2020

__________

Pakjes kijken toe 
wijl hun huis wordt leeggehaald.
Twee januari.

woensdag 1 januari 2020

__________

koken is in

smeren
stomen
blazen
bakken
braden

koken heeft
veel weg van
zonnebaden

  GENOEG GEHERFST juffrouw loopt wat voor hoewel het nog herfst is de winter nog moet komen doet zij meester reeds van de lente dromen ze tr...