__________
Een man stotterde op een vlot.
Een vrouw brulde tegen een jongen.
Een vogel vloog over.
De vogel heette Reiger.
Hij liet iets vallen.
Het belandde in de mond van de vrouw.
Ze zakte in elkaar.
De man schrok.
Het stotteren was voorbij.
Sindsdien zegt die man nooit nog
twee of meer keer hetzelfde,
behalve als hij op het kerkhof staat:
Ik mis je.
Ik mis je.
Ik mis je, mama.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten